Kortrijk
Bewolkt
12° - 21°
Antwerpen
Bewolkt
13° - 21°
Blog
Blog
25 januari 2011  | Dirk Van Heuven

In dit land kan elke burger namens de gemeente strafklacht neerleggen tegen ... gemeentemandatarissen (wegens belangenneming)

Artikel 194, eerste lid Gemeentedecreet (voorheen artikel 271, § 1, Nieuwe Gemeentewet dat quasi-ongewijzigd is) bepaalt dat wanneer het college van burgemeester en schepenen of de gemeenteraad niet in rechte optreden, één of meer inwoners in rechte kunnen optreden namens de gemeente, mits zij een zekerheidsstelling aanbieden om persoonlijk de kosten van het geding te dragen en in te staan voor de veroordeling tot schadevergoeding of boete wegens tergend en roekeloos geding of hoger beroep die kan worden uitgesproken.
Dit recht staat volgens artikel 194, tweede lid Gemeentedecreet ook open voor de rechtspersonen waarvan de maatschappelijke zetel in de gemeente is gevestigd.
De gemeente kan luidens het derde lid over het geding geen dading aangaan of er afstand van doen zonder instemming van degene die het geding in haar naam heeft gevoerd.

Vele gemeenten hebben reeds moeten ondervinden dat dit recht in de praktijk vaak gebruikt wordt tegen de gemeente of tegen door de gemeente gesteunde projecten, in het bijzonder in het kader van milieustakingsprocedures (zie ons eerder blogbericht Milieustakingsvorderingen: gemeenten, wees op uw hoede).

Een nieuwe illustratie hoever de substitutiemogelijkheid wel reikt is te vinden in het recente arrest P.09.1627.N/3 van het Hof van Cassatie van 26 oktober 2010:

" Anders dan waarvan het middel uitgaat, bestaat dit vorderingsrecht van voormeld artikel 271, § 1, Nieuwe Gemeentewet ook voor de strafgerechten, zodat een klacht met burgerlijkepartijstelling waardoor de strafvordering op gang wordt gebracht, tot de mogelijkheden behoort".

Aldus kon én kan een gemeentemandatris op vordering van een burger doch namens de gemeente veroordeeld worden wegens belangenneming.
Het Hof van Cassatie voegt daaraan toe:


"Voor de toepassing van die bepaling moet de inwoner niet doen blijken van een persoonlijk belang. Enkel in hoofde van de gemeente en niet van de betrokken inwoner moet de ontvankelijkheid van de vordering worden onderzocht".
Het arrest van het Hof is ten andere ook belangwekkend omwille van zijn gestrengheid over artikel 245 Strafwetboek (belangenneming).

Deel dit artikel