Kortrijk
Bewolkt
12° - 21°
Antwerpen
Bewolkt
13° - 21°
Blog
Blog
22 april 2011  | Publius

Gemeentebelasting op tweede verblijven: hoeveel is te veel?

Op 21 december 2010 vernietigde de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand het belastingsreglement op tweede verblijven van de gemeente Lennik.

De belasting bedroeg 1.000 euro per jaar per tweede verblijf. In een eerder reglement (van 2008) was de belasting vastgesteld op 500 euro.

Het belastingsreglement werd eerder door de provinciegouverneur geschorst. Uit de "gemotiveerde rechtvaardiging" die de gemeenteraad goedkeurde, blijkt dat de gouverneur van oordeel was dat het belastingstarief niet als gematigd kon worden beschouwd.

Volgende motivatie van de gemeenteraad werd door de minister niet gevolgd:

Ingeval de gemeente opteert voor de invoering van een heffing op leegstand moet deze volgens het decreet ‘Grond en pandenbeleid” minimaal vastgesteld worden op 990 euro.

Het is dus noodzakelijk het bedrag van de belasting op tweede verblijven minstens op eenzelfde niveau te brengen als dat van de heffing op leegstand, om te vermijden dat de inschrijving van een pand als tweede verblijf een ontwijkingsmogelijkheid biedt voor de ingevoerde gemeentelijke leegstandsheffing.

De belasting op tweede verblijven beperken tot 650 euro, zoals wordt aangegeven in de gecoördineerde omzendbrief van 14 juli 2004 is dus gezien voorgaand feit totaal onlogisch geworden.

Tevens dateert de omzendbrief uit 2004 (daar waar het decreet grond- en pandenbeleid dateert van maart 2009) en werd het erin vermelde bedrag van 650 euro niet geactualiseerd.

Om haar woonbeleid optimaal te kunnen realiseren wil de gemeente Lennik niet fungeren als gemeente met een groot aantal tweede verblijven. Volgens artikel 42 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, laatst gewijzigd bij Decreet van 23 januari 2009 en volgens het Verdrag van Lissabon over de autonomie van de lokale besturen behoort de heffing van belastingen toe aan de gemeenteraad.

De grondwet verankert trouwens de gemeentelijke autonomie, ook op het vlak van de heffing van belastingen."

Samengevat: de gemeente wordt door het bestuurlijk toezicht niet gevolg in haar standpunt dat 1.000 euro per jaar per tweede verblijf niet onredelijk hoog is.Tot slot nog dit. Het toezicht dat de gouverneur en de minister uitoefenen, is in regel ruimer dan de toets die door de Raad van State wordt toegepast, want houdt ook rekening met de opportuniteit van de beslissing.

Deel dit artikel