Kortrijk
Regen
2° - 12°
Antwerpen
Bewolkt
4° - 12°
Blog
Blog
25 januari 2011  | Dirk Van Heuven

Geen gemeentelijk monopolie voor huishoudlijk afval?

Het Hof van Cassatie relativeert in het arrest van 17 december 2010 de stelling als zou het huishoudlijk afval tot het gemeentelijk monopolie behoren:

"1. Artikel 7 van het decreet van 2/17 maart 1791 tot afschaffing van het gildenwezen (decreet d’Allarde) waarborgt de vrijheid van handel. Deze vrijheid van handel en nijverheid is evenwel niet onbeperkt en kan door de overheid worden gereglementeerd. Deze beperkingen mogen echter niet verder reiken dan voor het bereiken van het gestelde doel noodzakelijk is.
2. Artikel 135, §2, Nieuwe Gemeentewet bepaalt dat de gemeenten ook tot taak hebben, het voorzien, ten behoeve van de inwoners, in een goede politie, met name over de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen.
Meer bepaald, en voor zover de aangelegenheid niet buiten de bevoegdheid van de gemeenten is gehouden, worden onder meer de volgende zaken van politie aan de waakzaamheid en het gezag van de gemeenten toevertrouwd: (1°) alles wat verband houdt met een veilig en vlot verkeer op openbare wegen, straten, kaden en pleinen, hetgeen omvat de reiniging, de verlichting, de opruiming van hindernissen, het slopen of herstellen van bouwvallige gebouwen, het verbod aan ramen of andere delen van gebouwen enig voorwerp te plaatsen dat door zijn val schade kan berokkenen, of om wat dan ook te werpen dat voorbijgangers verwondingen of schade kan toebrengen of dat schadelijke uitwasemingen kan veroorzaken; voor zover de politie over het wegverkeer betrekking heeft op blijvende of periodieke toestanden, valt zij niet onder de toepassing van dit artikel, (5°) het nemen van passende maatregelen om rampen en plagen, zoals brand, epidemieën en epizootieën te voorkomen en het verstrekken van de nodige hulp om ze te doen ophouden en (7°) het nemen van de nodige maatregelen, inclusief politieverordeningen, voor het tegengaan van alle vormen van openbare overlast.


3. Krachtens artikel 14, §2, Afvalstoffendecreet zijn de natuurlijke personen of rechtspersonen die afvalstoffen inzamelen of ophalen, huishoudelijke afvalstoffen die door de gemeente huis aan huis worden opgehaald uitgezonderd, en handelaars of makelaars die ten behoeve van anderen regelingen treffen voor de verwijdering of nuttige toepassing van afvalstoffen, onderworpen aan een door de Vlaamse regering te verlenen erkenning.
Artikel 15, §1, van hetzelfde decreet bepaalt dat elke gemeente, al dan niet in samenwerking met andere gemeenten, ervoor zorgt dat de huishoudelijke afvalstoffen maximaal worden voorkomen of hergebruikt, op regelmatige tijdstippen worden opgehaald of op een andere wijze worden ingezameld, en worden verwerkt overeenkomstig de artikelen 14 en 16, §1 en §2.


4. Uit voormelde bepalingen volgt dat de gemeente verantwoordelijk is voor het inzamelen en het ophalen van huishoudelijke afvalstoffen en dat zij deze ophaling kan reguleren. Deze bepalingen sluiten echter niet uit dat, in zoverre de gemeente het ophalen van huishoudelijke afvalstoffen niet heeft gereglementeerd, andere personen huishoudelijke afvalstoffen mogen ophalen met inachtneming van de bepalingen van het Afvalstoffendecreet. Het is derhalve in die omstandigheden niet verboden aan andere erkende natuurlijke personen of rechtspersonen dan die waarmee de gemeente een overeenkomst heeft gesloten of aan wie zij toelating heeft verleend, om huishoudelijke afvalstoffen op te halen door middel van inzamelpunten op private eigendom.5. De appelrechters oordelen dat het ophalen en inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen een uitsluitende bevoegdheid van de gemeente is zodat ondernemingen die zich met deze activiteiten bezighouden verplicht zijn aan te tonen dat zij handelen in samenspraak of minstens met toestemming van de gemeente, en dit ongeacht of deze inzameling gebeurt met containers op gemeentelijk grondgebied, dan wel op private terreinen.

6. Door aldus te oordelen schenden de appelrechters de vrijheid van handel en nijverheid zoals gewaarborgd door artikel 7 van het decreet van 2/17 maart 1791."
[eigen markeringen]

Wij lezen het arrest zo dat het huishoudlijk afval wel degelijk tot de exclusieve verantwoordelijkheid van de gemeente behoort en zelfs tot het gemeentelijk monopolie kan behoren mits het bestaan van een gemeentelijk reglement.

Deel dit artikel