Kortrijk
Regen
2° - 12°
Antwerpen
Bewolkt
4° - 12°
Blog
Blog
18 maart 2012  | Publius

Nieuwe Brusselse Natuurbehoudsordonnantie

Op 1 maart 2012 heeft het Brussels Hoofdstedelijk Parlement een nieuwe ordonnantie betreffende het natuurbehoud aangenomen (Natuurbehoudsordonnantie). Zij is op 16 maart 2012 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. De ordonnantie van 29 augustus 1991betreffende de bescherming van de wilde fauna en betreffende de jacht en de ordonnantie van 27 april 1995 betreffende het behoud en de bescherming van de natuur worden opgeheven, alsook, voor wat betreft het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de wet van 28 februari 1882 op de jacht en de wet van 12 juli 1973 op het natuurbehoud, met uitzondering van artikel 38 wat deze laatste wet betreft.

De nieuwe Natuurbehoudsordonnantie zet voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de Europese Habitatrichtlijn 92/43/EEG en Vogelrichtlijn 2009/147/EG om en beoogt o.m. bij te dragen tot de invoering van een Brussels ecologisch netwerk.

Het Brussels Instituut voor Milieubeheer (BIM) dient om de vier jaar een rapport op te stellen over de staat van de natuur. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering dient een gewestelijk natuurplan op te stellen. Daarnaast kan zij ook actieplannen opstellen. Er wordt ook een Brusselse Hoge Raad voor Natuurbehoud opgericht, een adviesorgaan bestaande uit experten en betrokkenen inzake natuurbehoud.

Een belangrijk luik van de Natuurbehoudsordonnantie betreft de gebiedsgerichte bescherming aan de hand van (gewestelijke en erkende) natuurreservaten, bosreservaten en Natura 2000-gebieden. In elk van deze gebieden gelden verbodsbepalingen met het oog op de bescherming van de natuur, waarvan in bepaalde gevallen wel individuele afwijkingen kunnen worden verkregen.

Voor ieder Natura 2000-gebied dient de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, na advies van de Brusselse Hoge Raad voor Natuurbehoud, de instandhoudingsdoelstellingen vast te leggen in een identificatiebesluit. Voor de verwezenlijking van de instandhoudingsdoelstellingen kunnen beheerscontracten worden afgesloten met eigenaars en gebruikers. Voor elk vergunnings-, toelatings- of goedkeuringsplichtig plan of project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het ecologische beheer van een Natura 2000-gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen en projecten significante gevolgen kan hebben voor het gebied, moet een passende beoordeling gemaakt worden van de gevolgen van het voorgenomen plan of project op het gebied, rekening houdend met de instandhoudingsdoelstellingen voor dat gebied. Er is sprake van significante gevolgen in de betekenis van de ordonnantie wanneer niet kan worden uitgesloten dat het plan of project, afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten, de verwezenlijking van één of meer instandhoudingsdoelstellingen van het gebied in gevaar brengt. De autoriteit bevoegd om het plan aan te nemen of goed te keuren, het project toe te staan of goed te keuren of om de vergunning of het attest uit te reiken geeft pas haar akkoord nadat ze, op basis van de passende beoordeling, zich ervan heeft vergewist dat het geen afbreuk doet aan de instandhoudingsdoelstellingen voor het gebied, noch afzonderlijk, noch in combinatie met andere plannen of projecten. Onder bepaalde cumulatieve voorwaarden kan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering een afwijking toestaan wanneer niet vaststaat dat het plan of project geen afbreuk zal doen aan de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied. Dit is alleen mogelijk (1) indien er geen minder nadelige alternatieve oplossing voorhanden is, (2) de uitvoering van het plan of project gerechtvaardigd is om dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard, en (3) er compenserende maatregelen worden opgelegd om te kunnen garanderen dat de algehele samenhang van het Natura 2000-netwerk wordt beschermd of versterkt.

De Natuurbehoudsordonnantie bevat ook bepalingen inzake soortgerichte bescherming, waarbij bepaalde handelingen met betrekking tot bepaalde opgelijste dier- en plantensoorten worden verboden, ongeacht waar deze soorten zich bevinden in het gewest, met de mogelijkheid evenwel om een individuele afwijking te verkrijgen in bepaalde gevallen. De herintroductie van inheemse dier- of plantensoorten in de natuur die niet kadert binnen een beheersplan voor een bepaald gebied of binnen het gewestelijk natuurplan, is principieel onderworpen aan een vergunningsplicht. De herintroductie en de bewuste introductie in de natuur van invasieve dier- en plantensoorten opgesomd in bijlage IV van de ordonnantie is verboden. Het recht om te vissen in de rivieren, kanalen, bevaarbare waterwegen en vijvers waarvan het beheer ten laste van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest valt, is onderworpen aan een voorafgaandelijk visverlof.

Bepaalde schendingen van de Natuurbehoudsordonnantie kunnen resulteren in strafrechtelijke sancties van 10 dagen tot 1 jaar opsluiting en een geldboete van 150 tot 150.000 euro, of één van beide sancties. Onder bepaalde verzwarende omstandigheden worden de minimum- en maximumboetes verdubbeld.

Deel dit artikel