Op 24 januari 2026 vieren we de Internationale Dag van het Onderwijs, een initiatief van de Verenigde Naties dat sinds 2018 wereldwijd aandacht vraagt voor de cruciale rol van onderwijs in het bevorderen van vrede, ontwikkeling en gelijke kansen.
Als een advocatenkantoor met een uitgesproken expertise in het onderwijsrecht, staat Publius zowel onderwijsinstellingen als individuele studenten bij. Wij adviseren over concrete juridische vragen, maar begeleiden ook dossiers binnen het bredere administratiefrechtelijke kader waarbinnen het onderwijs zich beweegt.
Naar aanleiding van deze internationale Dag van het Onderwijs staan wij met 2 blogposts even stil bij 2 relevante en actuele topics. In deze bijdrage focussen we op de vraag ‘Een stakingsrecht voor studenten, bestaat dat dan?’; terwijl we in onze andere blogpost ingaan op de mogelijkheid van leerlingen om beroep aan te tekenen tegen een beslissing met betrekking tot hun studievoortgang.
Een stakingsrecht voor leerlingen en studenten: bestaat dat dan?
De voorbije week kwamen opnieuw heel wat studenten op straat. Onder de noemer van een ‘staking' werd massaal les gemist om te protesteren tegen het nieuwe onderwijsbeleid van onderwijsminister Zuhal Demir. Dat soort acties is overigens geen nieuw fenomeen. Velen zullen zich nog de klimaatmarsen van enkele jaren geleden herinneren, waarbij vooral middelbare scholieren in groten getale wereldwijd de lessen lieten voor wat ze waren. Ook in België kwamen toen tienduizenden leerlingen op straat, vaak tijdens de lesuren.
Tijdens zo’n acties of protestgolven komt vaak dezelfde vraag naar boven rijzen: hebben leerlingen eigenlijk wel een stakingsrecht?
Het antwoord is kort en duidelijk: nee.
Het stakingsrecht is in België een fundamenteel sociaal recht, maar het is juridisch gekoppeld aan een arbeidsverhouding. Werknemers mogen het werk neerleggen om collectieve eisen kracht bij te zetten. Leerlingen en studenten bevinden zich niet in een dergelijke verhouding met hun onderwijsinstelling. Voor hen bestaat er dus geen stakingsrecht in juridische zin.
Wat betekent dit dan concreet voor leerlingen in het secundair onderwijs?
Leerlingen in het middelbaar onderwijs vallen onder de leerplicht. Dat betekent voor vele studenten dat zij verplicht zijn om tijdens de lesuren aanwezig te zijn op school. Wie dan zonder toestemming lessen mist om te gaan staken of betogen, is in principe onwettig afwezig.
Concreet. Mis je meer dan één lesuur zonder toestemming van de directie, dan wordt die afwezigheid geregistreerd als ongewettigd (B-code). Juridisch wordt dit beschouwd als spijbelen, ook al gebeurt de afwezigheid om een maatschappelijk of politiek engagement kracht bij te zetten.
Is betogen dan volledig uitgesloten?
Nee, maar het is geen automatisch recht. Een leerling kan aan de schooldirectie toestemming vragen om te gaan betogen. De directie kan dan beslissen om een afwezigheid om persoonlijke redenen toe te staan (P-code). In dat geval is de afwezigheid gewettigd.
Let wel, het gaat hier wel om een gunst en dus geen (door de leerling) afdwingbaar recht.
Er geldt ook een verschil als leerkrachten staken:
Is de school gesloten door dat de leerkrachten (mee) staken? Dan is er sprake van overmacht en zijn leerlingen gewettigd afwezig (R-code). De school moet wel vooraf communiceren en opvang organiseren.
Is de school open, ook al staken sommige leerkrachten? Dan blijft de aanwezigheidsplicht gelden en moeten leerlingen gewoon naar school komen.
Mogelijke gevolgen van ongewettigde afwezigheden
Voor de leerlingen die hun vrijheid van meningsuiting zo ernstig nemen dat zij er zelfs hun lesuren voor opofferen, doen er wel goed aan ook even stil te staan bij de mogelijke juridische gevolgen van zo’n ongewettigde afwezigheid:
Bij 5 halve dagen ongewettigde afwezigheid (5 B-codes) wordt het CLB ingeschakeld voor begeleiding.
Bij 30 of meer B-codes in één schooljaar verliezen sommige gezinnen het recht op de schooltoeslag voor dat jaar.
Engagement maar met grenzen
Leerlingen beschikken dus zonder twijfel over fundamentele rechten zoals de vrijheid van meningsuiting en het recht op vreedzame vergadering. Die rechten betekenen echter niet dat zij een juridisch stakingsrecht hebben of automatisch vrijgesteld zijn van hun aanwezigheidsplicht.
Wie als leerling ‘staakt’, doet dat dus niet als rechthebbende staker, maar - behoudens toestemming of overmacht - als onwettig afwezige leerling. Engagement mag, maar het onderwijsrecht legt daar duidelijke grenzen aan.