Kortrijk
Motregen
8° - 10°
Antwerpen
Motregen
9° - 10°
Blog
Blog
10 september 2025 | Dirk Van Heuven

Handhaving Bosdecreet is genadeloos

De eigenaar van een bebost perceel vraagt aan haar tuinaannemer om de woekering van braambessen in het bos te bestrijden. Deze maait het bebost terrein (de bomen en grote struiken blijven staan) en de eigenaar wordt geconfronteerd met een bestuurlijke (herstel)maatregel. De goede trouw van de eigenaar en de spontane hergroei van de kruid- en struiklaag zijn volgens de minister, bij wie beroep was aangetekend tegen de bestuurlijke maatregel, irrelevant.

Lees even mee:

‘De beroepsindieners gaven een tuinaannemer de opdracht om onderhoudswerken uit te voeren in het bos op perceel XY. Zij stellen dat deze onderhoudswerken kaderden binnen een daad van goed bosbeheer, met als doel het opkuisen van woekerende bramen. Daarbij werd benadrukt dat alle bomen en grote struiken dienden te worden behouden. Niettemin resulteerden de uitgevoerde werken in het volledig maaien van de kruid- en struiklaag van het bos op perceel XY (...). De beroepsindieners geven aan zich niet bewust te zijn geweest van het feit dat voor het maaien van ondergroei in een bos een voorafgaande machtiging vereist is.

Dat er geen sprake is van kwaad opzet, doet evenwel geen afbreuk aan het feit dat het maaien van ondergroei in een bos zonder voorafgaande machtiging een toerekenbaar milieumisdrijf inhoudt. Dat de beroepsindieners handelden met het oog op goed beheer of te goeder trouw, ontneemt aan het vastgestelde feit niet de kwalificatie als milieumisdrijf Artikel 16.6.1, S t, eerste Iid van het DABM bepaalt immers dat ook elke door gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid gepleegd milieumisdrijf toerekenbaar is De beroepsindieners hadden zich voorafgaand aan de werken moeten vergewissen van de toepasselijke bosregelgeving.

Hoewel er sprake is van een spontane regeneratie van de vegetatie, de afwezigheid van wortelschade en het ontbreken van enige intentie tot ontbossing, betekent dit geenszins dat de ecologische impact van de uitgevoerde werken als gering kan worden beschouwd. Het volledig maaien van de kruid- en struiklaag heeft ontegensprekelijk geleid tot een tijdelijke verstoring van het lokale ecosysteem. Bovendien is het wijzigen, aantasten of beschadigen van de bodem, de strooisel-, kruid-, of boomlaag zonder voorafgaande machtiging van ANB hoe dan ook verboden Dat de natuur zich (deels) herstelt, doet niets af aan de onwettigheid van de handeling.

 De natuurlijke hergroei op het perceel, waarnaar de beroepsindieners verwijzen, betreft mogelijk opnieuw voornamelijk bramen - nota bene de soort die men via de betwiste ingreep wilde terugdringen. De opgelegde herstelmaatregel streeft daarentegen een ecologisch rijkere en meer gevarieerde toestand na. De herstelmaatregel beoogt immers niet louter het terugkeren naar de vroegere vegetatiesituatie, maar het tot stand brengen van een meer ecologisch waardevolle en duurzame Vegetatiestructuur Daarom wordt een heraanplant voorgeschreven met inheemse struiksoorten. Indien gewenst, mogen bijkomend boomsoorten worden aangeplant, doch slechts maximaal 30% van het totaal aantal planten. Dat deze soorten voordien niet aanwezig waren, doet niet af aan de proportionaliteit van de maatregel. Bij het herstel van milieuschade is het immers niet ongebruikelijk, noch onredelijk, dat de heraanplant gebeurt volgens actuele inzichten in natuurbeheer, waarbij bewust wordt gestreefd naar een grotere ecologische draagkracht De oorspronkelijke toestand wordt niet louter hersteld, maar bewust verbeterd’.

Referentie: Beslissing van Vlaamse minister van omgeving van 16 juli 2025 over beroep tegen bestuurlijke maatregel (PUB508688)

Deel dit artikel